‘Ik ging heel rustig de coronafase in’

ate pultrum transport rijssen

Ate Pultrum (1977) groeide op in Rijssen, in een Nederlands-Hervormd gezin met drie jongere zussen. Bidden aan tafel, twee keer op zondag naar de kerk, naar catechisatie, belijdenis doen. Door de jaren heen veranderde zijn geloof. Hoe kwam dat? En hoe werkt dat door in zijn logistieke dienstverleningsbedrijf?

Wat is geloven anno nu voor jou?

“Als je opgroeit heb je nog niet een relatie met God. In het begin dacht ik ook alles zelf te moeten doen, op eigen kracht. Later kwam er Bijbelstudie, een Alpha-Business-cursus en werd ik meegenomen door broeders. Toen mocht ik stapjes zetten, werd ik aangeraakt en kreeg ik vertrouwen. Ik ging ook meer op zoek, kwam andere sprekers tegen dan alleen uit mijn eigen Hervormde wereld. Langzamerhand veranderde religie in relatie. Geloof is nu een onderdeel van mijn hele leven, zeven dagen in de week. In mijn bedrijf, het gezin, in mijn inzet voor de maatschappij. Zo kan ik alles in Zijn handen leggen.”

Wat vind je het mooiste aan het geloof?

“Dat er genade is. Zijn Koninkrijk gaat niet om ‘voor wat hoort wat’. Als je beseft wat Hij voor ons heeft gedaan… Dat we in die genade mogen leven en wijsheid mogen krijgen om beslissingen te nemen, dat is heerlijk. Ik leg dan ook elke dag wel dingen voor in gebed. Soms geeft God antwoord in een mail, of in een Bijbeltekst of in een persoon die naar me toekomt.”

Voor wat voor situaties bid je dan zoal?

“Bijvoorbeeld als ik goed personeel zoek, als we mensen willen aannemen, voor een aankoop of overname staan. Of bij andere belangrijke beslissingen. Ook voor hoe je omgaat met geloof op de werkvloer bid ik. We hebben hier van alles: van atheïst tot moslim en alle vormen van geloof zoals die in Rijssen voorkomen. Dat gaat prima vanuit de gedachte: je naaste liefhebben als jezelf.”

Wat vind je het moeilijkst aan het geloof?

“Meestal als het ons te goed gaat, denken we dat we het zelf wel kunnen… ’s Nachts groeit onze ‘ik’ weer aan en dus moet ik me ’s morgens weer overgeven in Zijn handen. Zo mooi dat ik juist dan weer dankbaar kan zijn voor wat Hij allemaal voor ons doet. Tja, als je geen wrijving op je weg hebt, moet je je afvragen of je op de goede weg zit…”

Kende jouw leven ook een ‘echte’ bekering?

“Nee, dat ging geleidelijk. Mijn vader had dat juist wel. Die had jarenlang in de kerk gezeten, toen hij twaalf jaar geleden aangeraakt werd. Ik mis zo’n bekering niet; dan ga je jezelf druk op leggen. Er staat in de Bijbel: ‘Als je mij volgt’ en ‘Wie in mij gelooft’. Dat is genoeg.”

Kijk je wel terug op belangrijke geloofsmomenten?

“Ja, met name in de periode rond 2011 tot 2012. Wij zaten toen net in de economische crisis. Die kwam bij ons wat later, omdat we veel bouw-gerelateerd vervoer doen. Ik leerde in die crisis-jaren steeds meer in afhankelijkheid leven en ervoer Zijn leiding steeds meer. Dat ontstond in het laatste kwartaal van 2011. Tijdens Dankdag was er een preek over Spreuken 30, vers 8 en 9: ‘Geef me niet te weinig dat ik moet stelen. Geef me niet te veel dat ik er last van krijg.’
Na afloop ging ik gefrustreerd de kerk uit; men wekte de indruk dat ondernemers altijd maar meer willen, maar ik wilde helemaal niet meer! Dit Bijbelstuk was me te veel gericht op het materiële. Achteraf werd dit kwartaal een van de slechtste. En pas toen, twee maanden later dus, voelde ik dat die tekst voor mij was! Toen mocht ik deze woorden bidden van Spreuken 30. En de Heer voorzag. Hij gaf niet te veel en zeker niet te weinig.”

Welke rol speelt CBMC in je bedrijf en leven?

Het is leuk om collega’s te ontmoeten. Van collega’s te leren en te mogen groeien in geloof is het meest dankbare. In onze kerken wordt vaak niet geleerd hoe je mag omgaan met je business. Mooi om dan bij CBMC geloof wél wat breder te kunnen zien, elkaar te bemoedigen en om advies te vragen. Daarin ben je deelgenoten en daar kun je verschil mee maken. De cursussen van CBMC spreken me ook aan. En als deelnemer van een dga-groep (voor directeur-grootaandeelhouders, red) komen we zo’n vier keer per jaar bij elkaar en dat vind ik gaaf! Ik geniet ervan om er naartoe te gaan. De mensen in de groep zijn echt broeders geworden. Verder ga ik ook graag naar de regioactiviteiten.”

Hoe geef je verder vorm aan je geloof?

“Al het goud en zilver van de wereld is van Hem; wij mogen er gewoon goed op passen en staan in Zijn dienst. Samen met twee collega-ondernemers geef ik verder Alpha-Business. Met andere ondernemers gaan we ook geregeld voor de Stichting Kinderhulp Ghana naar Afrika om er mensen te helpen met de eerste levensbehoeften, waterputten, onderwijs en opvang.”

'We hebben geen Bijbelteksten
op de vrachtwagens’

 

En waaraan zien medewerkers of klanten je geloof?

“We hebben geen Bijbelteksten op de vrachtwagens. Ik denk niet dat dat de manier is en loop er dan ook niet mee te koop. Het geloof kan ook goed uitgedragen worden in dagelijkse dingen. Als het ter sprake komt, ben ik daar eerlijk in. Een voorbeeld? Als een klant van me vertelt dat zijn vrouw ernstig ziek is en behandelingen ondergaat, zeg ik: ‘We zullen voor je bidden’. Ook met personeel doen we dat zo, soms zelfs ter plekke.
Verder hebben we een nieuwe ruimte boven in het gebouw waar onder meer Bijbelstudies en de ex-Alphakring worden georganiseerd; daar staat een mooi kruis en hangen platen van onze projecten in Afrika.”

Wat betekent geloof voor jou in coronatijd?

“Ik ging heel rustig de coronafase in, met het vertrouwen dat Hij voor ons zorgt. Dat geeft zo’n enorme rust. Een rust waarin je heldere beslissingen kunt nemen. Wat doen we wel en niet, naar welke landen rijden we nog, overnachten onze chauffeurs nog ergens. In overleg met de chauffeurs besloten we bijvoorbeeld om de vaste krachten op vaste auto’s te laten rijden om besmetting te voor-komen.
In het begin waren mensen wel wat angstig; ze zien families thuiszitten en vanuit huis werken. Na zo’n veertien dagen waren ze wel blij dat ze aan het werk zijn. Sommigen zeiden: ‘Geen betere quarantaineplek dan in mijn cabine, want ik stap er hier in Nederland in en daar – bijvoorbeeld in Spanje – weer uit. De kans dat ik besmet raak, is zo het kleinst.’”

Kun je vanuit geloof nog meer doen in coronatijd?

“We hebben samen een extra app-groep aangemaakt, waarin we elkaar in deze tijd bemoedigen. In die groep zitten chauffeurs, financiële mensen, commerciële mensen – iedereen die dat op prijs stelt. Hierin delen we veel in deze periode en dat vinden ze gaaf. Onzekerheid op de app? Nee, we spreken juist onze zékerheid uit. De zekerheid dat er maar Eén regeert.”

Wat wil je andere ondernemers voor boodschap meegeven?

“Dat we geen betere Commissaris of Adviseur kunnen krijgen dan onze hemelse Vader. Die weet waar we vandaan komen en waar we naartoe gaan. Wat is er mooier dan dat Die ons wil leiden als je Hem voor laat gaan…?”